De berg Emei Shan was zeer zeker de moeite waard. Als een van de eerste bergen aan de westelijke rand van het enorme Sichuan-Bekken, torenen de hoge, rotsachtige pieken van Emeishan ver boven de groene laagvlakte uit. Maar liefst 3099 meter hoog, kenmerkt de berg zich door steile rotswanden aan de ene en meer glooiende, langzaam aflopende en beboste hellingen aan de andere kant. Het was hier op deze berg dat bijna tweeduizend jaar geleden de eerste boeddhistische tempel in China gebouwd werd, en tegenwoordig met maar liefst 76 kloosters geldt het als de heiligste van de vier heilige bergen van het boeddhisme in China.
Onze bus bracht ons bij de ingang van het nationale park. Hier stonden de bussen al klaar om ons naar de top te brengen. Na een klimtocht met de bus van ongeveer dik anderhalf uur kwamen we aan bij de kabelbaan van Zwitserse makelaardij. Zo´n gigant waar je met honderd mensen in kunt. In een mum van tijd waren we boven op ongeveer 3100 meter. Dan voel je toch wel dat je op hoogte zit en moeite hebt om te klimmen. Toch al niet mijn grootste hobby!
We hadden boven windstil weer en redelijk uitzicht en gelukkig geen regen. Veel pelgrims komen naar Wannian Tempel om te bidden, mooi om te zien. Vertaald als “Long Life Temple” in het Engels, Wannian Tempel is een van de acht grootste tempels op deze berg. Net als velen van de Mount Emei Shan tempels, bevat Wannian tempel bevat een standbeeld van de Bodhisattva Puxian.
Er waren ook monniken, uiteraard met mobiel. Hoorde laatst dat 1 op de 3 chinezen een mobiel heeft. Zo´n 500 miljoen! De terugweg ging goed, gelukkig zat ik voorin, want er waren nogal wat haarspelbochten!! Vanavond hotpot gegeten, een soort fondue. Heerlijk, Erwin vond het niet lekker en durfde het niet aan. Morgenochtend om 04.45 op om wederom richting Chendu te rijden om het vliegtuig naar Lijiang te nemen. Morgen meer!




